2 Korinthe lezen: troost, verzoening en kracht in zwakheid
Geen brief van Paulus is zo persoonlijk als 2 Korinthe. Hij verdedigt zich tegenover een gemeente die aan hem twijfelt, en laat juist daarin zien dat Gods kracht in menselijke zwakheid tot haar recht komt.

2 Korinthe is een brief vol spanning. Paulus schrijft aan een gemeente die hij zelf heeft gesticht, maar waar tegenstanders zijn gezag, zijn optreden en zijn omgang met geld in twijfel trekken. Hij antwoordt niet met een leerstellig betoog, maar met zijn eigen leven: zijn lijden, zijn eerlijkheid en de troost die hij van God ontving.
In de negen Nederlandstalige lezingen over 2 Korinthe volgt Steve Gregg de brief van begin tot eind. Hij is daarbij eerlijk over wat onzeker blijft, want veel van de achtergrond kennen we alleen uit Paulus’ eigen toespelingen.
Een gespannen verhouding
De inleiding schetst die achtergrond. Gregg bespreekt de verklaringen voor de scherpe toonwisseling vanaf hoofdstuk 10, de beschuldigingen van Paulus’ tegenstanders en de vraag welke eerdere, droevige brief Paulus bedoelt. Hij reconstrueert de bezoeken, de gewijzigde reisplannen en de briefwisseling tot aan het geruststellende bericht van Titus, en benadrukt dat veel details onzeker blijven.
In hoofdstuk 1 en 2 gaat het over de troost van God in verdrukking. Wie zelf getroost is, kan anderen bemoedigen, en beproevingen die boven je krachten gaan leren je op God te vertrouwen. Gregg laat zien hoe Paulus zijn gewijzigde reisplannen verdedigt, en dat geestelijke leiders de gemeente moeten dienen in plaats van over haar geloof te heersen. Ook bespreekt hij het herstel van een berouwvolle overtreder door vergeving.
Het nieuwe verbond en de schat in aarden kruiken
Hoofdstuk 3 stelt de voorbijgaande heerlijkheid van het oude verbond tegenover de blijvende heerlijkheid van het nieuwe. Gregg legt uit dat de tegenstelling tussen letter en Geest over die twee verbonden gaat, niet over het gezag van de Schrift. Aan de hand van Mozes’ sluier laat hij zien hoe de Geest gelovigen naar het beeld van Christus verandert wanneer zij met onbedekt gezicht Zijn heerlijkheid aanschouwen.
In hoofdstuk 4 legt Paulus zijn leven open voor ieders geweten. Gregg staat uitvoerig stil bij de vraag aan wie christenen uiteindelijk verantwoording verschuldigd zijn. Met het beeld van de schat in aarden kruiken laat hij zien dat de kracht van de inwonende Geest komt en niet van de mens, en dat lijden ons alleen op Christus doet lijken als we onze blik op het onzichtbare richten.
Opstanding en verzoening
Hoofdstuk 5 gaat over Paulus’ verlangen naar een nieuw lichaam en over de rechterstoel van Christus, waarvoor volgens Gregg gelovigen en ongelovigen allebei verschijnen. Bij de woorden over verzoening gaat hij in tegen de calvinistische uitleg dat Christus alleen voor de uitverkorenen stierf.
De lezing over 5:14 tot 7:1 behandelt de nieuwe schepping, die gelovigen nu al geestelijk ervaren en die bij Jezus’ terugkomst ook lichamelijk werkelijkheid wordt. Gregg bespreekt hoe onze zonde aan Christus en Zijn gerechtigheid aan ons wordt toegerekend, hoe Paulus’ volharding en de paradoxen van zijn leven zijn bediening aanbevelen, en wat het ongelijke juk met ongelovigen betekent.
Geven en strijden
In hoofdstuk 7 tot en met 9 is Paulus blij met de bekering van de Korinthiërs, en Gregg legt uit hoe droefheid naar Gods wil verschilt van verdriet uit eigenbelang. Daarna volgt de inzameling voor de arme gelovigen in Jeruzalem. Geven moet vrijwillig en blijmoedig gebeuren, naar wat iemand heeft. Tegenover de welvaartsleer stelt Gregg dat de oogst van vrijgevigheid vooral gerechtigheid is.
Hoofdstuk 10 en 11 laten een andere toon horen. Paulus verdedigt zijn apostelschap tegen valse apostelen. Gregg legt uit dat de geestelijke wapens waarmee Paulus bolwerken afbreekt vooral dienen om door het Evangelie het denken van mensen tot gehoorzaamheid aan Christus te brengen. Paulus roemt met tegenzin, en dan nog vooral in zijn lijden en zwakheid.
Kracht in zwakheid
De slotlezing over hoofdstuk 12 en 13 begint bij de man die in de derde hemel werd opgenomen. Volgens Gregg is dat Paulus zelf. Daarna komt de doorn in het vlees, die hij vrijwel zeker voor een ziekte houdt. Daarmee weerspreekt hij de leer dat christenen altijd genezing kunnen ontvangen. Bij hoofdstuk 13 bespreekt hij Paulus’ oproep tot zelfonderzoek, en dat Paulus zijn gezag wil gebruiken om de gemeente op te bouwen.
Maar Hij heeft tegen mij gezegd: Mijn genade is voor u genoeg, want Mijn kracht wordt in zwakheid volbracht. Daarom zal ik veel liever roemen in mijn zwakheden, opdat de kracht van Christus in mij komt wonen.
— 2 Korinthe 12:9, Herziene Statenvertaling
Over deze woorden zegt Gregg in de slotlezing dat God de doorn niet wegnam, maar Paulus de genade gaf om hem te dragen. Genade is hier meer dan onverdiende gunst: het is de kracht waarmee God ons in beproevingen staande houdt. Paulus werd niet uit zijn omstandigheden verlost, maar daarin versterkt.
De hele reeks over 2 Korinthe laat zien hoe een apostel die zwak, bekritiseerd en ziek was, juist zo een getuige werd van Gods kracht.

